Feestelijk opening Rozenstein
28-10-2026
Op donderdagmiddag 22 oktober wordt samen met bewoners gevierd dat Rozenstein helemaal is afgerond en dat alle woningen zijn verhuurd.
“Het is hier nog net als vroeger”
Op het binnenterrein bij de Rozensteinstraat is het donderdagmiddag 22 oktober gezellig druk. Zo’n zeventig bewoners en andere genodigden vieren hier de komst van 101 duurzame nieuwbouwwoningen. “Wij zijn trots op het eindresultaat”, zegt interim-directeur Adrie Tukker van Woningbouwvereniging St. Willibrordus. En zij is zeker niet de enige. “Ik ga hier nooit meer weg”, zegt een van de bewoners blij. “Het is hier zo mooi wonen. Ik was meteen gewend.”
Samen met wethouder Wonen, Laurens van Doeveren, onthult Tukker een grote foto waarop de opening van het eerste complex Rozenstein te zien is. Deze foto krijgt een plekje in de centrale hal van de nieuwbouw. “Op 4 mei 1921 stond hier ook een groep mensen voor een nieuw complex”, vertelt Tukker. “Destijds werd ons oudste bezit gezegend door de pastoor. De 62 verouderde woningen zijn in 2024 gesloopt om plaats te maken voor de nieuwbouw. Zestig procent van de woningen is verhuurd aan inwoners uit Wassenaar.”
“Wassenaar is van een dorp uitgegroeid tot een gemeente met bijna 30.000 inwoners”, zegt Van Doeveren. “Ik ben trots op zulke mooie woningen en hoop dat veel mensen zich thuis voelen in Oostdorp en in Wassenaar. Want een huis is meer dan een verzameling stenen.”
Saamhorigheid
Met haar 25 jaar is Kim Dundas een van de jongere buurtbewoners. “Ik ben opgegroeid in Wassenaar en stond al zeven jaar ingeschreven bij Woonnet Haaglanden. Mijn tweekamerwoning is 54 vierkante meter. Ik vind dat heel mooi voor een starter.”
Een van haar buurtbewoners is Ben Verhaar. Hij kwam oorspronkelijk uit Delft en woont nu ook in een van de tweekamerwoningen. Hij is vooral verrast over het weinige energieverbruik en de leuke contacten met zijn buren. “Dit huis is zeer energiezuinig. In Delft was ik maandelijks veel meer kwijt aan gas en elektra. Hier is de energierekening extreem laag, terwijl ik er warm bij zit.” Inmiddels kent hij al veel buurtbewoners. “We maken een praatje met elkaar. Soms zitten we samen een bakje koffie te drinken op de galerij. Of we lenen even iets van elkaar. Er is hier veel saamhorigheid. Ik dacht dat zoiets niet meer bestond, maar het is hier nog net als vroeger.”